
“Het lot heeft ons samengebracht” zei Mieke. Wij zijn het volledig met haar eens. Wij hadden een 12 minuten-cirkel rond het Jan Yperman getrokken en peddelden met de e-bikes naar ieder “Appartement Te Huur”. Een ganse week en nog iets meer. We waren een beetje ontmoedigd. Tot wij van Kristof en zijn mama een tip kregen. Boven Le Carré zou er “iets” zijn. Schuchter schrijven en dan de eerste ontmoeting .Mieke is zaakvoerster van Le Carré en …maar het klikte. Florence, Marlies en Sam hebben, als het spannend wordt, een thuis in Ieper! Wij keren terug waar het in 1973 begon. Eindelijk. En dat “iets” hé, dat is een prachtig huis. Zie foto’s hierboven.
Voor 1973 kwamen we met Herbie, aten gehakte biefstuk (nadat wij uitgelegd hadden wat filet americain was) en dronken cacao? Ja,cacao! Van Inex, want dat was een klant van mij. In die tijd waren wij loyaal. Wij rustten en hadden elkaar lief op de Scherpe Berg. Wij wandelen en strompelden door velden op zoek naar verdwenen paadjes aan de hand van oude kaarten die wij in het archief van de bibliotheek vonden.
Wij komen nog dikwijls naar de Westhoek….ook om te genieten: nu met de e-bike , wij eten zelf gebakken brood en kijken vanop de flanken van “onze bergen” naar Vlaanderen. West-Vlaanderen. Wij stippelen gps routes uit en volgen de fietsknooppunten. Soms laten wij ons gastronomisch verwennen. Hotel Ariane is onze laatste ontdekking.
De komende maanden gaan wij het allemaal opnieuw beleven, intenser, nu als oma en opa, met Marlies en haar kroost. Wij zullen voor Florence zorgen en wandelingen maken op de vesten en dan… thuiskomen.
.
Ik zie ons al verstoppertje spelen met Elize, Hannah en Anouk en naar de vaart gaan in Boezinge waar wij in 1976 verkoeling zochten, in en rond het water. The longest, hottest summer.
[su_testimonial name=”Frank Deboosere” photo=”https://edbmcc.be/wp-content/uploads/2016/09/fd.jpg” url=”http://www.frankdeboosere.be/vragen/vraag182.php”]De legendarische zomer van 1976 voert de lijst aan met respectievelijk 5 en 8 dagen. Op 29 juni 1976 haalde het kwik “maar” 29.2 graden (omgerekend naar gesloten thermometerhut)… Anders hadden we over een aaneengesloten periode van 14 dagen met temperaturen van 30 graden of meer kunnen spreken. [/su_testimonial].
18-06-1976 geboorte van Sybille. De eerstgeborene! en daar houdt de blijheid op.
,ook Ieper, waren vermomde Duivels. Ik bespaar jullie de details van de bevalling.
In die tijd, het klinkt Bijbels, woonden wij in Boezinge en gingen op zaterdag naar de markt. Steevast kip aan het spit en als toetje een LP van Ypradisc. Wij hadden geen TV en wij koesterden onze Pioneer tuner-versterker, als het grootste goed. Wij luisterden naar
- De Leet
- VANDENPEEREBOOMPLEIN
- Bouwmeester
- Monument van woorden.

Situated in the middle of the front line between the Germans and the Allied troops, the market town of Ypres was the scene of some of the worst carnage of the First World War. During four years of fighting, the town was almost entirely destroyed and 500,000 soldiers and civilians died in an area of just over nine square miles.
According to the original trench maps, drawn up by British engineers, hospitals, mess rooms, chapels, kitchens, workshops, blacksmiths, as well as rooms where exhausted soldiers could rest, were hewn from the soil, far beneath the water table. Dozens of “fighting tunnels”, offshoots which were burrowed under German trenches before being exploded, were also built.
The rooms, connected by corridors measuring 6ft 6in high by 4ft wide, were fitted with water pumps but, when the troops left within weeks of the war ending, they were slowly submerged. Remarkably, during 1917 and 1918, more people lived underground in the Ypres area than reside above ground in the town today.
Peter Barton, a British historian who has been advising the research team, said: “These were basically underground villages and in some of the cases, small towns.
“They haven’t been seen since September 1918 when the British attacked and swept the Germans back over this land. Things will be exactly as they were left. This is a unique opportunity. They will be perfectly preserved time capsules.
“The tunnels were left far, far in the rear [as the British soldiers advanced] and within weeks they would have been full of water. So when the Belgians returned, all they would have seen was a little door in a trench full of water.”
In recent years, the extensive wartime tunnelling has been the cause of mounting problems for the authorities in Flanders as the timber planks, used to support the labyrinths, began to rot and cave in, causing subsidence.
Dr Tony Pollard, head of Glasgow University’s Archaeological Research Division, said: “These are important archaeological sites but they are beginning to subside and collapse. They are becoming a danger to buildings and people so we need to find out more about where they are and how extensive they are.”
Initially, experts are concentrating on three locations, and will use scanning equipment to find the main chambers. One network, near the village of Hooge, once housed 1,000 soldiers, while a second, Vampire Dugout, near Zonnebeke, was briefly captured and occupied by the Germans in their last-ditch Spring Offensive in 1918, before being retaken.
The third, Hill 60, which housed up to 3,000 troops, is near Zwarteleen, close to a railway line between Ypres and Menin.
Although some artefacts may eventually be removed from tunnels and handed to the local authorities and on to museums, those in charge of the project – the largest of its kind – intend to leave most in place.






